Lammertijd 2016

De lammertijd is toch altijd weer de meest bijzondere tijd in het leven van een schaapherder.

Je kijkt er een jaar lang naar uit, ziet er een beetje tegenop, al die heisa van de media tegenwoordig, het bezoek dat zich elk jaar weer vergaapt aan het jonge spul. Er zijn gewoon mensen die elke dag komen kijken, of om een geboorte live mee te maken, of om te kijken of er al weer iets is geboren en hoe het gaat met het spul etc. etc. En dan bieden we mensen tegenwoordig nog de mogelijkheid om een lammetje te adopteren. Dit om onze kudde financieel te ondersteunen en de betrokkenheid van de mensen naar onze kudde nog meer te vergroten. Dan nog een bekende Nederlander om ons adoptieplan te promoten en het circus draait op volle toeren. Maar goed, het hoort er allemaal bij.

Als herder ben je er in eerste instantie toch om te zorgen dat het goed gaat met je schaapjes. En hieruit haal je ook altijd de meeste voldoening. Hoe vaak als je het ook al gezien hebt, maar een geboorte of een lammetje dat drinkt bij de moeder ontroert mij altijd weer. Helaas maak je ook elk jaar weer mee dat een lam niet aangenomen wordt, de moeder te weinig melk heeft of een lam niet levensvatbaar is. Dit spijt me altijd, maar hoort er helaas wel bij. In 20 jaar maak je heel wat mee met het spul. En voor elk leventje doe je je uiterste best. Van mond-op-mondbeademing tot een lammetje 4 weken lang 5 keer per dag onder de moeder zetten om te laten drinken.

M’n dag begint altijd om een uur of zeven, wanneer ik de eerste ronde maak. ’s Nachts zijn de schapen een poosje alleen, gelukkig lammeren onze schapen (Veluwse Heideschapen zijn smal in schouders en kop) vrij makkelijk af. En dan kan het gebeuren dat er al een aantal geboren zijn, waarbij ik de moeders moet zoeken. Alles wat moet aflammeren loopt in één ruimte, zodat ze zich op hun gemak voelen. En die beesten kunnen je voor de gek houden; soms heeft een schaap afgelammerd, wil het er niets van af weten en verstopt het zich tussen de anderen; nou, dan wordt het een hele zoektocht en moet je heel wat trucjes van stal halen. Of hier en daar moet nog een handje geholpen worden met een lam dat verkeerd ligt. Na deze puzzel, alles netjes in de kraamhokjes gezet, uiercontrole, navel ontsmetten, vaststellen geslacht, oornummer inbrengen en registreren, kan ik beginnen met voeren, water verzorgen en opstrooien, zodat alles er weer spic en span uitziet. En dan……. even tijd voor koffie en een boterhammetje.

In het begin van de lammertijd ga ik als het rustig is ook nog gerust een poosje de heide op met de drachtige dieren, met uiteraard het ‘risico’ dat een schaap midden in het veld bevalt, wat ik zelf nog altijd een van de mooiste geboortes vind: puur natuur, als het niet hoeft niet mee bemoeien en lekker zelf laten doen. Als het schaap dan bevallen is, zal ik echter wel de lammetjes naar de kooi moeten dragen, want alhoewel ze binnen 10 minuten staan, lopen ze nog niet mee. Maar een beetje lief moederschaap loopt dan gedwee achter mij en haar jonge kroost aan. Heb het zelf vaak genoeg gezien van een afstandje en weet dat dit voor veel mensen een ontroerend gezicht is. En als je dan eenmaal bij de schaapskooi bent, het jonge gezinnetje netjes in een kraamhok hebt gezet en de nodige controles hebt gedaan, kan ik een hele poos genieten en het tafereeltje van een afstandje bekijken.